De Hoge Raad heeft gesproken. Wat betekent dit voor thuisonderwijs?

Opiniestuk — april 2026

Dit artikel is deel 1 van een driedelige serie over thuisonderwijs en de wet. Omdat het juridische landschap rondom artikel 5b de laatste tijd flink in beweging is, heb ik de nieuwe subcategorie ‘Wetgeving’ in het leven geroepen. Hier bundel ik de belangrijkste regels, rechten en rechtszaken voor je, zodat je goed beslagen ten ijs komt. Vandaag duiken we in de veelbesproken recente uitspraak van de Hoge Raad: wat is er precies aan de hand en wat betekent dit voor jouw vrijstelling?


Afgelopen week deed de Hoge Raad — het hoogste rechtscollege van Nederland — een uitspraak die de thuisonderwijsgemeenschap flink heeft opgeschud. Op sociale media vlogen de berichten rond. Paniek, verontwaardiging, vragen.

Ik ga proberen het rustig uit te leggen. Want het is ingewikkeld en de situatie is serieuzer dan sommigen denken. De situatie wordt bovendien niet opgelost door louter te zeggen “maak je geen zorgen”, hoe optimistisch glas halfvol ik ook ben.


Wat er is gebeurd

Een stel ouders gaf hun dochter thuisonderwijs op basis van hun geloofsovertuiging: de Tasawwuf, ook wel soefisme genoemd. Dat is een mystieke stroming binnen de islam, gericht op innerlijke loutering en de directe verbinding met God. Denk aan meditatieve rituelen, poëzie, het loskomen van materialisme. Een oude, rijke traditie — maar één zonder eigen scholen in Nederland.

De ouders beriepen zich op artikel 5b van de Leerplichtwet: hun levensovertuiging botst met de richting van alle scholen in de buurt, dus hebben ze recht op vrijstelling van de leerplicht.

De rechter zei: nee.

En de Hoge Raad bevestigde dat. Definitief.


Wat artikel 5b eigenlijk zegt

Even terug naar de basis. In Nederland bestaat een leerplicht. Kinderen moeten naar school.

Maar er is een uitzondering: artikel 5b van de Leerplichtwet. Die zegt dat je je op vrijstelling kunt beroepen als:

  1. Je kind in het jaar vóór de kennisgeving niet ingeschreven heeft gestaan op een school of instelling
  2. Jij als ouder ernstige bezwaren hebt tegen de richting — de levensbeschouwelijke grondslag — van alle scholen op redelijke afstand

Een paar dingen zijn hierbij essentieel om goed te begrijpen.

Je vraagt geen vrijstelling aan. Je beroept je erop. Dat klinkt als een subtiel verschil, maar het is juridisch wezenlijk anders. Jij doet een beroep op een bestaand recht — je hoeft niet om toestemming te vragen.

Het gaat om het jaar vóór de kennisgeving, niet om “nooit naar school geweest.” Als een kind het jaar ervoor niet ingeschreven stond, kun je je beroepen op artikel 5b. Dit betekent ook dat jongere broertjes of zusjes vrijstelling kunnen krijgen, ook als een ouder kind al naar school gaat.

Het gaat om richting, niet om inrichting. Bezwaren tegen de kwaliteit van de school, de methode, de klassengrootte of het curriculum tellen niet. Het gaat puur om de levensbeschouwelijke grondslag.

Dit beroep doe je elk jaar opnieuw — vóór 1 juli voor het volgende schooljaar.


Wat de Hoge Raad nu heeft aangescherpt — en waarom het iedereen raakt

Tot deze uitspraak was het zo: als je als ouder kon aantonen dat jouw levensovertuiging botste met die van alle scholen in de buurt, had je een stevige zaak.

Nu zegt de Hoge Raad iets nieuws over openbare scholen specifiek.

Openbare scholen zijn per definitie neutraal. Ze zijn er voor iedereen, ongeacht geloof of overtuiging. En ze zijn verplicht om op een objectieve, kritische en pluralistische manier les te geven over godsdienst en levensbeschouwing.

De redenering van de Hoge Raad: als een openbare school op die manier les geeft, kan er eigenlijk geen richtingsbezwaar zijn. Want de school heeft geen richting die met jóuw overtuiging kan botsen.

Openbare scholen staan overal. Vrijwel elke gemeente in Nederland heeft minimaal één openbare basisschool. Zelfs als jij je terecht beroept op bezwaren tegen alle christelijke, islamitische en reformatorische scholen in jouw omgeving — dan is er waarschijnlijk alsnog een openbare school binnen redelijke afstand. En tegen die school kun je nu bijna geen geldig bezwaar meer maken.

Dit raakt dus niet alleen deze ene zaak. Dit raakt iedereen die zich jaarlijks op vrijstelling 5b beroept.


De juridische tegenbeweging: waarom de kale kennisgeving nu cruciaal is

Als ik deze uitspraak van de Hoge Raad analyseer, kom ik tot een belangrijke strategische conclusie: het is dit jaar nóg belangrijker om een zogenaamde ‘kale’ kennisgeving in te dienen. We moeten waken voor de valkuil dat er überhaupt een discussie ontstaat over de vraag of we wel genoeg hebben uitgelegd waarom een openbare school niet bij ons past.

Sterker nog, naar mijn mening hoort het gesprek helemaal niet over mijn geloof te gaan, maar over twee harde juridische uitgangspunten:

  1. Mijn kinderen zijn geen ingeschreven leerlingen, dus is er kan geen sprake zijn van schoolverzuim. Ik hoor daarom niet voor een strafrechter te staan.
  2. De wet vraagt uitsluitend om mijn kale kennisgeving waarin ik DE verklaring afleg. Niet EEN verklaring, voorzien van zelfbedachte uitgebreide toelichtingen of scholenlijstjes.

Mijn stelling is dan ook dat de uitspraak van de Hoge Raad over die openbare scholen in de praktijk niet voor iedereen hoeft te gelden. Als je geen scholenlijst meestuurt, geen sprake hebt van schoolverzuim en je kennisgeving bevat strikt DE wettelijke verklaring, dan is er geen basis voor de strafrechter en verplaatsen we het speelveld naar het bestuursrecht.

Dit is in de kern ook precies de rechtsvisie die we, met z´n allen, voor de bestuursrechter moeten volhouden. Een beroep dat keurig voldoet aan artikelen 6 en 8 van de Leerplichtwet leidt namelijk tot vrijstelling van rechtswege. Gemeenten hebben hierin simpelweg geen besluitbevoegdheid. Ze zijn dus wettelijk gezien ook helemaal niet bevoegd om zomaar voorwaarden aan de vrijstelling te verbinden die niet in de wet zelf vermeld staan. Anders gezegd: de gemeente mag helemaal niet oordelen over de inhoud van jouw beroep.

Ik zal niet doen alsof dit de makkelijkste weg is. Het is een uphill battle om bestuursrechters hiervan te overtuigen. Maar door de zaak in het bestuursrecht te trekken, snijd je de strafrechtelijke route af — ongeacht wat de Hoge Raad over richtingsbezwaren bij openbare scholen vindt. Er zijn precedenten en deze juridische strijd moet gevoerd worden.


Wat betekent dit voor jou?

De situatie is complex en beweegt nog. Wat ik je mee wil geven:

Dien je kennisgeving tijdig en correct in — vóór 1 juli. Sober, zoals de wet vraagt. DE verklaring, niet een uitgebreide toelichting die aanleiding geeft tot discussie of weigering.

Neem contact op met de NVvTO. De Nederlandse Vereniging voor Thuisonderwijs volgt deze juridische ontwikkelingen op de voet en kan je adviseren over hoe je je kennisgeving precies het beste indient.

Weet dat de strijd doorgaat. Er worden op dit moment stevige bestuursrechtelijke procedures gevoerd op basis van de argumenten die ik hierboven noemde. Dit kan de weg voor anderen vrijmaken. Dat is geen garantie, maar het is een ijzersterk verweer.


Wat dit zegt over de richting die de overheid op wil

De Hoge Raad schrijft expliciet dat de Nederlandse Staat een actieve plicht heeft om de Leerplichtwet te handhaven. De toon verandert. Het wordt moeilijker, niet makkelijker.

Maar het recht op onderwijs buiten school is nog niet verloren. Artikel 23 van de Grondwet staat nog. De juridische strijd is gaande.

Zorg dat je dossier op orde is. Sluit je aan bij de NVvTO. Blijf betrokken.

Meer lezen

Dit opiniestuk is deel 1 van een serie over de Hoge Raad uitspraak en thuisonderwijs :

-> Is openbaar onderwijs echt pluralistisch?
-> De leerplichtambtenaar heeft hier niets over te zeggen


⚠️ Dit is geen juridisch advies. Voor jouw specifieke situatie: neem contact op met de NVvTO.

Meer lezen? Zie thuisonderwijs in de wet en mijn kind gaat al naar school: kan ik nog thuisonderwijs geven?

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *