Junior Einstein review: waarom dit bij ons wel werkt

In mijn vorige blog vertelde ik waarom we gestopt zijn met Squla voor onze oudste drie kinderen. Te veel gamification, te veel afleiding, te veel focus op punten en muntjes in plaats van op leren. Dat klinkt misschien alsof we tegen online oefenen zijn. Dat is niet zo. We zijn alleen tegen online oefenen dat leren in de weg zit.

Junior Einstein is het alternatief waar we op uitkwamen. En dat werkt voor onze kinderen nu wel. Niet omdat het flashy is, maar juist omdat het dat niet is.

Wat Junior Einstein is

Junior Einstein is een online leer- en oefenplatform voor de basisschool, van groep 1 tot en met groep 8. Het bevat honderdduizenden opgaven voor rekenen, taal, spelling, begrijpend lezen, wereldoriëntatie, topografie en meer. De oefeningen zijn opgesteld door onderwijsprofessionals en het niveau past zich aan per kind.

Het platform heeft een app (iOS en Android) en werkt ook gewoon in de browser. In de App Store heeft het een beoordeling van 4,7 uit 5. Op de eigen site staan meer dan 433 reviews van ouders.

Maar wat Junior Einstein voor ons anders maakt, is niet de hoeveelheid oefeningen. Het is de manier waarop het platform is ontworpen.

Focus op leren, niet op spelletjes

Het eerste dat opvalt als je Junior Einstein opent: er zijn geen muntjes. Geen virtuele cadeautjes. Geen ranglijsten met andere kinderen. Geen mini-games die je “verdient” na een oefensessie.

Er zijn oefeningen. Je maakt ze. Je ziet of ze goed of fout zijn. Je gaat door.

Dat klinkt saai. Maar dat is precies het punt.

In de Squla-review schreef ik over het onderzoek van Deci, Koestner en Ryan (1999), dat liet zien dat extrinsieke beloningen (punten, muntjes, cadeautjes) de intrinsieke motivatie ondermijnen. Kinderen gaan oefenen voor de beloning, niet omdat ze iets willen leren. Zodra de beloning wegvalt, stopt de motivatie.

Junior Einstein doet het anders. Het platform vertrouwt erop dat oefenen op zichzelf voldoening geeft. Dat een kind dat merkt dat het beter wordt in breuken, dáár motivatie uit haalt. Niet uit een virtueel muntje.

Dit sluit aan bij wat de Self-Determination Theory (SDT) beschrijft als de drie basisbehoeften voor intrinsieke motivatie: autonomie, competentie en verbondenheid. Junior Einstein ondersteunt vooral de eerste twee: je kind oefent op zijn eigen niveau (competentie) en heeft keuzevrijheid in wat het oefent (autonomie). Er is geen extern beloningssysteem dat die interne motivatie overneemt.

Onderzoek van de Harvard Graduate School of Education bevestigt dit: leerlingen die intrinsiek gemotiveerd zijn, gaan dieper de stof in, volhouden langer bij moeilijke opdrachten en onthouden beter wat ze leren.

Oudercontrole: jij bepaalt het programma

Dit is voor mij het grootste verschil met Squla. Bij Junior Einstein kun je als ouder weektaken klaarzetten. Je kiest zelf welke onderwerpen je kind oefent, hoeveel opgaven per dag, en op welk niveau.

In de app ziet je kind direct welke taken er klaarstaan. Geen verrassingen, geen willekeurige quizzen die langskomen. Gewoon: dit is je programma voor deze week.

Voor ons als thuisonderwijsgezin is dit ideaal. Ik weet wat de kinderen op school zouden leren (of in ons geval: wat we zelf aanbieden). Als ik merk dat Vera wat meer moet oefenen met breuken, zet ik dat als weektaak klaar. Als Lena haar woordenschat moet uitbreiden, focus ik daarop. Ik heb de regie over wat er geoefend wordt, in plaats van dat een algoritme dat bepaalt op basis van wat “leuk” of “populair” is.

En het mooie is: je ziet ook de resultaten. Welke opgaven gingen goed, welke fout, hoe lang deed je kind erover. Geen punten, geen scores die je moet “verdienen”. Gewoon data over wat je kind kan en waar het nog moet groeien.

Minder prikkels, meer rust

Squla is visueel druk. Animaties, geluiden, pop-ups, timers, aftellende klokken, kleurrijke karakters die reageren op je antwoorden. Voor sommige kinderen werkt dat. Voor veel kinderen, en zeker voor kinderen die snel overprikkeld zijn, is het te veel.

Junior Einstein is visueel rustig. Witte achtergrond, duidelijke tekst, simpele knoppen. Geen afleidende animaties naast de opgave. Geen geluiden die je afleiden van waar je mee bezig bent. De focus ligt volledig op de oefening zelf.

Onderzoek naar cognitieve belasting (cognitive load theory, Sweller 1988) laat zien dat het werkgeheugen van mensen beperkt is. Elke prikkel die niet bijdraagt aan het leren, kost capaciteit die anders naar de leertaak zelf zou gaan. Bij kinderen is het werkgeheugen nog kleiner dan bij volwassenen.

Bij Squla zagen we dat onze kinderen na een sessie moe en overprikkeld waren. Niet omdat het leren moeilijk was, maar omdat er zoveel omheen gebeurde. Bij Junior Einstein is dat niet het geval. Ze kunnen een kwartier oefenen en zijn daarna gewoon fris genoeg om iets anders te doen.

Audio-ondersteuning voor jongere kinderen

Een fijne bijkomstigheid: Junior Einstein heeft audio-ondersteuning. Teksten, vragen en antwoordopties kunnen worden voorgelezen. Voor kleuters en groep 3 staat dit standaard aan, voor hogere groepen kun je het per kind instellen.

Voor Mira (4) en Alex (7) is dit prettig. Alex leest al goed, maar bij langere opgaven is het fijn als hij de vraag kan laten voorlezen terwijl hij zich op het antwoord concentreert.

Wat minder is

Junior Einstein is niet perfect. Een enkele keer zit er een fout antwoord in de oefeningen. Dat is vervelend, maar het gebeurt zelden. Ook is het platform minder “verslavend” dan Squla, wat betekent dat je kind er niet uit zichzelf naar toe rent. Je moet het als ouder wat meer begeleiden en het oefenen inplannen als vast onderdeel van de dag.

Maar dat vind ik eigenlijk wel prima. Leren is niet altijd het leukste wat er is. En het is goed als kinderen leren dat je soms gewoon moet oefenen, ook als er geen muntje tegenover staat.

Onze ervaring

Vera (11), Lena (9) en Alex (7) oefenen nu een paar jaar met Junior Einstein. We hebben weektaken klaarstaan die ze zelfstandig afwerken. Soms is het even niet leuk. Maar ze doen het, en ze zien dat ze vooruitgaan. Dat is de motivatie.

Mira (4) zit nog vooral op Squla. Zij snapt nog niet wat die punten en muntjes precies zijn, dus voor haar is het gewoon een leuk spelletje met kleuren en geluiden. Dat is prima voor haar leeftijd.

Maar zodra ze kan lezen en nadenken over wat ze doet, stapt ze over naar Junior Einstein. Net als haar broer en zussen.

Conclusie

Junior Einstein is niet flashy. Het probeert niet “leuk” te zijn met gamification-elementen. Het is een serieus oefenplatform dat doet wat het belooft: kinderen laten oefenen op hun eigen niveau, met duidelijke structuur en oudercontrole.

Als je kind gemotiveerd is door punten en muntjes, werkt Squla misschien beter. Maar als je wilt dat je kind leert oefenen om het leren zelf, en als je als ouder invloed wilt hebben op wat en hoe er geoefend wordt, is Junior Einstein een betere keuze.

Wij kiezen voor het laatste. En onze kinderen doen het goed.


Bronnen:

  • Deci, E.L., Koestner, R., & Ryan, R.M. (1999). A meta-analytic review of experiments examining the effects of extrinsic rewards on intrinsic motivation. Psychological Bulletin, 125(6), 627-668.
  • Sweller, J. (1988). Cognitive load during problem solving: Effects on learning. Cognitive Science, 12(2), 257-285.
  • Ryan, R.M., & Deci, E.L. (2000). Self-determination theory and the facilitation of intrinsic motivation, social development, and well-being. American Psychologist, 55(1), 68-78.
  • Hinton, C., & Callahan, T. (2016). Intrinsically Motivated. Harvard Graduate School of Education.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *