hoeveel tijd kost thuisonderwijs

Hoeveel tijd kost thuisonderwijs?

De vraag die bijna elke ouder stelt als ze serieus nadenken over thuisonderwijs: “Maar hoeveel tijd kost dat dan?”

Het eerlijke antwoord is: dat hangt ervan af hoe je de vraag stelt.


Het korte antwoord: ongeveer 2 uur per dag

Dat klinkt weinig. Maar het klopt.

Één-op-één onderwijs is veel efficiënter dan klassenonderwijs. Op school wacht een kind op de juf, op de rest van de klas, op de overgang naar het volgende vak. Thuis gaat het tempo van jóuw kind. Als het iets begrijpt, ga je verder. Als het ergens mee worstelt, blijf je. Geen tijdverlies.

In twee uur per dag kun je de kernvakken — rekenen, lezen, schrijven — prima afdekken voor een basisschoolkind. De rest van de dag is leren door leven: gesprekken, uitstapjes, spelen, koken, bouwen, buiten zijn.

hoeveel tijd kost thuisonderwijs

Het langere antwoord: wat tel je mee?

Welke levensovertuiging je hebt, kan een behoorlijke invloed hebben op hoeveel uur je per dag actief thuisonderwijs geeft. Vind jij het van levensbelang dat je kind elke dag 2 uur Bijbelstudie doet, viool leert spelen en vloeiend Esperanto beheerst, dan ziet de dagindeling er anders uit dan wanneer je het Nederlandse basisschoolcurriculum eigenlijk al teveel informatie vindt voor je kind.

Onderdeel van onze levensvisie is dat onderwijs en “het leven” niet los van elkaar staan, maar honderd procent verbonden zijn. Je leert van het leven. Je leert dóór te leven. Leren is er de hele dag, voor elk mens, op elke leeftijd.

Dan klinkt de vraag “hoeveel tijd kost thuisonderwijs?” meteen ook heel vreemd. Hoeveel tijd kost een baby? Hoeveel tijd kost een peuter, een kleuter? En een puber dan, ben je daar meer of minder tijd aan “kwijt”?

Ik sta, als moeder, ’s ochtends op met mijn kinderen om 6 uur en om 20 uur ’s avonds liggen zij weer in bed. Daartussen brengen ik en mijn partner, afwisselend of samen, onze tijd met hen door. Dan zou een antwoord dus kunnen zijn: 13 uur per dag (en nog een boel uren ’s nachts als we de wakkere kids meerekenen)

Tegelijkertijd bestaat ons stukje “schoolwerk” al een paar jaar maar uit een klein deel van die dagen: inderdaad ongeveer 2 uur per dag. Daarin leren we de kinderen actief rekenen, lezen, schrijven en andere “schoolse” vakken.

Wat lever je in?

Dit is de eerlijkere kant van de vraag.

Een schoolkind is ~25 uur per week van huis (inclusief halen en brengen), ~40 weken per jaar. Dat is zo’n 1000 uur per jaar — ofwel gemiddeld 19 uur per week — dat jij “vrij” bent.

Die tijd heb je bij thuisonderwijs niet. Je kind is thuis. Dat vraagt om een andere organisatie van je werk, je eigen tijd, en je inkomen.

Sommige gezinnen lossen dit op met een partner die afwisselt, een gastouder, uitwisseling met andere thuisonderwijsgezinnen, of door flexibel te werken (avonden, vroege ochtenden). Er zijn oplossingen — maar het vraagt bewuste keuzes.

Hoe zorg je voor inkomen bij thuisonderwijs?
Hoeveel tijd heb je voor jezelf bij thuisonderwijs?


Wat als je meerdere kinderen thuisonderwijst?

Goede vraag. Wij doen het met vier kinderen.

Het antwoord: je schaalt niet lineair. Je geeft niet vier keer twee uur. Oudere kinderen werken meer zelfstandig. Jongere kinderen leren mee door gewoon aanwezig te zijn. En kinderen leren van elkaar — Vera legt soms iets uit aan Alex op een manier die beter werkt dan wanneer ik het doe.

Reken op 3-5 uur actieve begeleiding per dag voor een gezin met meerdere kinderen in verschillende leeftijden, afhankelijk van hoe je het organiseert.

Dagplanning thuisonderwijs: ritme in plaats van rooster
Wat zijn de nadelen van thuisonderwijs?
Thuisonderwijs in de wet

Overweging

De overweging kan dan worden of je die 19 uur per week zonder je schoolleeftijdkind perse nodig hebt, of dat je die op een andere manier kunt ondervangen. Misschien kun je een gastouder aan huis zoeken, een fijne oppas, uitwisselen met een ander thuisonderwijsgezin, opa en oma lief aankijken, je ouderschapsverlof opnemen, elke avond 3 uur werken, minder gaan werken of op een andere manier creatief omgaan met je gezinssituatie.

De tijd vóór je kind 4 jaar wordt, heb je deze afweging ook gemaakt. Toen heb je besloten óf en hoeveel je kind naar de peuterspeelzaal of kinderopvang ging. Die afweging kun je nu opnieuw maken.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *