Laat me beginnen met een “bekentenis”: ik gebruik AI. Elke dag. Ik laat het teksten nakijken, ideeën genereren, research samenvatten. Deze blog? Die zou niet bestaan zonder AI die me hielp met de research.
Dus nee, dit wordt geen anti-AI-verhaal. Dat zou hypocriet zijn, en ook onzinnig. AI is gereedschap, en goed gebruikt is het super krachtig.
Maar er is een verschil tussen “AI helpt me denken” en “AI denkt voor mij.” En die grens zijn we massaal aan het overschrijden.
Cognitive atrophy: je brein als spier die verschrompelt
In november 2025 publiceerde de Harvard Gazette een artikel met de veelzeggende titel: Is AI dulling our minds? Daarin wordt een studie van het MIT Media Lab aangehaald, die erop wijst dat te veel leunen op AI kan bijdragen aan “cognitive atrophy”. Het woord alleen al: atrofie. Het medische woord voor spierverlies door niet-gebruik. Je arm in het gips en na zes weken is de spier gehalveerd, dat werk.
Met je brein gebeurt hetzelfde. Als je het niet gebruikt, verschrompelt het. (Lekker beeld, niet?)
Bij MIT lieten ze mensen essays schrijven: de ene groep met ChatGPT, de andere helemaal zelf. Ondertussen maten ze hun hersenactiviteit. Bij de ChatGPT-groep was het brein duidelijk minder actief, en ze wisten achteraf ook minder goed wat ze zelf hadden geschreven. Het is een klein onderzoek dat nog niet door andere wetenschappers is beoordeeld, maar het beeld klopt met wat eerder werd gevonden.
Een Zwitsers onderzoek onder ruim 650 mensen vond namelijk een sterke negatieve correlatie (let op, geen causatie!) tussen AI-gebruik en kritisch denken (r = −0,68). Hoe meer mensen op AI leunden, hoe slechter ze scoorden op zelfstandig analyseren, redeneren en problemen oplossen.
En voordat je denkt “dat valt wel mee”: het ging niet om mensen die af en toe ChatGPT gebruikten om een boodschappenlijstje te maken. Het ging om studenten die AI gebruikten om essays te schrijven, analyses te maken, beslissingen te nemen. Precies de taken waar je brein van groeit als je ze zelf doet.
De magische kruk waardoor je vergeet dat je benen hebt
Het verraderlijke van cognitieve uitholling is dat je het niet voelt. Je merkt zelf niet dat je minder diep denkt. Je merkt alleen dat het antwoord er sneller is. Denk aan GPS. Twintig jaar geleden kon je nog een route onthouden na hem twee keer gereden te hebben. Nu rijden mensen tien jaar naar hetzelfde adres en kunnen de weg niet navertellen zonder Google Maps. Het is niet dat hun aangeboren richtingsgevoel verdwenen is. Het is dat het nooit meer getraind wordt.
AI doet hetzelfde met denken. Je hoeft niet meer zelf te formuleren, want ChatGPT doet het. Je hoeft niet meer zelf te analyseren, want Claude doet het. Je hoeft niet meer zelf te beslissen, want de AI geeft je direct een aanbeveling.
En elke keer dat je dat soort taken uitbesteedt, wordt de spier een beetje zwakker.
Wat Harvard-onderzoekers zeggen
Tina Grotzer, Principal Research Scientist aan de Harvard Graduate School of Education, zegt het zo: “Mensen gebruiken AI zonder te begrijpen hoe het werkt. Ze vertrouwen de output te veel, omdat ze niet weten wat het systeem wel en niet kan.”
Christopher Dede, Senior Research Fellow aan dezelfde faculteit, gebruikt de metafoor van Athena en haar uil: “De uil zit op je schouder. Die is een hulp, geen vervanging. Als je de uil klakkeloos alle beslissingen laat nemen, ben je geen wijs mens meer. Je bent louter een persoon met een uil.”
En Dan Levy, Senior Lecturer aan de Harvard Kennedy School, maakt het heel concreet: “Als je AI gebruikt om het werk vóór je te doen in plaats van mét je, leer je niets. Geen enkel brein groeit door passief consumeren.”
Het probleem voor ouders
Hier wordt het weer persoonlijk. Want wat doen wij, als ouders, als onze kinderen huiswerk maken?
Als een kind een opstel moet schrijven en ChatGPT genereert het, wat heeft het kind dan geleerd? Niets. Het heeft een output geproduceerd, maar geen proces doorlopen. Leren zit juist in dat proces. In het worstelen. In het niet-weten. In het kunnen beoordelen van of een tekst goed is, of niet. In het corrigeren van eigen fouten.
Ik merk het bij mezelf. Als ik een moeilijke tekst moet schrijven, is de verleiding enorm om een AI een eerste versie te laten genereren en die dan “een beetje aan te passen.” Maar dat aanpassen is iets heel anders dan zelf schrijven. Bij aanpassen denk je in de woorden van een ander. Bij zelf schrijven denk je in je eigen woorden, met je eigen structuur, je eigen stem.
Daarnaast heb ik, in mijn jeugd, van alles geleerd over zélf schrijven. Over stijlvormen, grammatica, logica, paragrafen opbouwen: allemaal met pen en papier en worstelend (en vloekend), verworven vaardigheden. Ik kan daardoor, als de AI bij mijn werk wat spelfouten eruit haalt of een volgorde veranderen wil, controleren of dat klopt met wat ik weet over de wereld.
Een kind kan dat nog niet. Die kan nog niet beoordelen of een tekst goed is of niet, omdat nog niet wéét wat een goede tekst is. Het kan nog niet beoordelen of een essay “klinkt als zichzelf” of “klinkt als AI”, want het weet nog niet hoe het zelf klinken zou als het een essay zou schrijven.
Het resultaat kan er hetzelfde uitzien. Maar het proces was fundamenteel anders. En de vaardigheden die het kind leert ook.
De twee soorten AI-gebruik
Laat me een onderscheid maken dat ik zelf nuttig vind:
- AI als versneller: Je weet wat je wil zeggen. Je hebt de gedachte al gevormd. AI helpt je het sneller op papier te krijgen, een structuur te vinden, een spelfout te corrigeren. Je brein doet het zware werk, AI doet de finishing touch.
- AI als vervanger: Je weet niet wat je wil zeggen. Je laat AI het bedenken, formuleren, structureren. Je leest het na en denkt “klinkt goed.” Je brein heeft niets gedaan.
Het eerste is gereedschap. Het tweede is uitholling, mentale achteruitgang, cognitive atrophy.
Het tweede is waar we tegen mogen protesteren. Wat we mogen proberen te weren uit schoolklassen én bedrijven. Maar daarmee het eerste weggooien is in mijn optiek doodzonde.
De comfortzone van het niet-nadenken
Het meest ongemakkelijke aan dit onderwerp is dat we het zelf kiezen. Niemand dwingt ons om AI te gebruiken voor ons denken. We doen het omdat het makkelijk is. Omdat het snel is. Omdat het comfortabel is om niet te hoeven worstelen met een lege pagina en blinkend streepje.
Maar comfort is de vijand van groei. Spieren groeien door weerstand. Kennis groeit door verwarring. Inzicht groeit door vastlopen en zelf de weg terug vinden.
Elke keer dat we die weerstand wegnemen met AI, nemen we ook de groei weg. En zo worden we allemaal slapper en dommer.
Wat ik doe (en wat niet)
Ik heb geen regels tegen AI. Wel een beetje bewustwording: ik gebruik AI voor: research, feiten checken, structuur brainstormen, spelling, vertalingen, administratie, overzichtelijke dashboardjes. Taken waar mijn brein niet van groeit, maar die me wel tijd besparen. Ik gebruik AI NIET voor: mijn mening vormen, persoonlijke brieven schrijven, keuzes maken die ik zelf moet maken, alle teksten waar mijn stem in moet zitten.
Ik vraag mezelf bij elke AI-opdracht: “Kan ik dit zelf? Zo ja, waarom laat ik het dan doen?” Soms is het antwoord “omdat het twee uur kost en ik die niet heb.” Prima. Maar soms is het antwoord “omdat ik het eng vind om het zelf te proberen.” of “omdat ik hier nog niet genoeg kennis over heb” of “omdat ik nog niet weet hoe het moet”. En dat is het moment om het tóch zoveel mogelijk zelf te doen. Met af en toe een hint van AI 😉
De vraag is niet of AI goed of slecht is
De vraag is: wat wil je zijn? Een mens dat denkt met hulp van machines, of een mens dat machines voor zich laat denken?
Het eerste is krachtiger. Het tweede is comfortabeler.
Een belangrijke vraag daarnaast is: wat doe je met de tijd die je bespaart door AI te gebruiken? Nog meer consumeren? Nog meer achter een scherm verstoppen? Of meer tijd besteden aan gezondheid, je kinderen, iets terug doen voor de maatschappij? Ik vind dat bijna nog een belangrijker vraagstuk dan het eerste. Ik heb namelijk zelf niet het idee dat de tijd die “vrijkomt” door nuttig inzetten van AI door de meeste mensen gebruikt wordt voor een mooiere dag, voor een mooier leven, maar juist om nóg meer tijd nóg “efficiënter” te kunnen besteden. Zonde, toch?
Ik weet welke ik kies bij beide vragen. En ik weet welke ik hoop dat mijn kinderen kiezen.
Over hoe we AI wél inzetten bij ons thuisonderwijs ben ik nog bezig, met de hand ;-), een goede, lange, onderbouwde blog te schrijven. Die komt er nog aan, houd de website in de gaten.
Wat is cognitieve uitholling door AI?
Je denkvermogen werkt als een spier: wat je niet gebruikt, wordt zwakker. Laat je AI steeds het nadenken doen, zoals redeneren, formuleren en verbanden leggen, dan oefen je die vaardigheden zelf minder. Onderzoekers noemen dat cognitive atrophy of cognitive offloading.
Maakt ChatGPT je dommer?
Niet vanzelf. Het hangt af van hoe je het gebruikt. Onderzoek laat zien dat mensen die veel op AI leunen gemiddeld slechter scoren op kritisch denken. Wie AI gebruikt als hulpmiddel bij het eigen denkwerk, heeft daar veel minder last van.
Wat is het verschil tussen AI als gereedschap en AI als vervanging?
Bij AI als gereedschap denk je zelf en helpt AI je sneller of beter afmaken wat je al bedacht had. Bij AI als vervanging laat je het denken zelf over aan de machine en neem je het resultaat over. Het eerste maakt je sterker, het tweede voelt makkelijker.
Is het erg als kinderen AI gebruiken voor hun schoolwerk?
Leren gebeurt tijdens het worstelen: puzzelen, fouten maken, opnieuw formuleren. Schrijft AI het werk, dan slaat je kind precies dat stuk over. Laat kinderen daarom eerst zelf nadenken en zet AI hooguit in als controle of sparringpartner.
Hoe gebruik je AI zonder je denkvermogen te verliezen?
Stel jezelf steeds de vraag: kan ik dit zelf? Gebruik AI voor opzoekwerk, controles en administratie. Je mening, persoonlijke teksten en je eigen stem houd je zelf in handen.
Dit is deel 2 van het drieluik “Dumbing Us Down.” In deel 1 besprak ik het boek Dumbing Us Down van John Taylor Gatto, en in deel 3 duik ik in doomscrolling en social media.
Lees ook: Thuisonderwijs in de praktijk, Ontscholen / Unschooling, Dagplanning thuisonderwijs
Bronnen
Bronnen en meer lezen
- Mineo, L. (2025, 13 november). Is AI dulling our minds? The Harvard Gazette.
- Kosmyna, N., Hauptmann, E., Yuan, Y. T., Situ, J., Liao, X.-H., Beresnitzky, A. V., Braunstein, I., & Maes, P. (2025). Your Brain on ChatGPT: Accumulation of Cognitive Debt when Using an AI Assistant for Essay Writing Task. MIT Media Lab, arXiv:2506.08872.
- Gerlich, M. (2025). AI Tools in Society: Impacts on Cognitive Offloading and the Future of Critical Thinking. Societies, 15(1), 6.

